woensdag 13 maart 2013

Fietsseizoen

Ik kan je niet weerstaan
In mijn hoofd citeer je teksten van Queen
Je wil almaar fietsen
en dat ik luister

Inmiddels schreeuw je hard
Stampenvoet als een klein kind
Maar ik weersta je
Omwille van

Als je haren in mijn ogen zwiepen
Stoemp je op gebroken Engels
Tot het hoogste punt
broos glas breekt

dinsdag 12 maart 2013

Voor dat verlies

Ik smelt Brosjes om tot sculptuur
Zet je in de hete zon -voor je verval
Bedenk me dat ik laagjes lik

Als er niets meer is, smelt ik suiker
Spoel je af met lauwwarm water
Tot er niets meer is

Blaas op ruiten en trek je naam
Met beslagen ogen kijken tot jij
stil vervaagt

Op de grond een laagje suiker
Chocolade in het gras

Op glas
Beslaan de ogen

Maar eerst wikkel ik je af.

zaterdag 9 maart 2013



VERS

16 maart 2013 om 20:00 zal de tweede versie van Vers een feit zijn. Het programma is wonderbaarlijk mooi, en zal alle zintuigen prikkelen. Tijdens deze tweede versie is er ruimte voor een mooi palet aan taal en muziek! De diverse optredens worden verzorgd door:

Marianne Classon:
Marianne Clason schrijft. Professioneel, voor haar eigen tekstbureau in Almere. En in de kantlijn van een boek. Op de achterkant van een boodschappenbriefje. In haar telefoon en heel soms gewoon in Word. Deze zinnen kregen eindelijk vorm op haar blog waar zij korte columns schrijft over dat wat ze ziet, voelt en denkt. En laat dat nu veel zijn.
http://www.copyvanclason.nl/

Sa'id Vanenburg:
Sa’id Vanenburg (1978) begon al direct na zijn geboorte met opgroeien. Aanvankelijk in Alkmaar, maar wist dit vervolgens in Almere af te ronden. Mede omdat daar verder vrij weinig te doen viel.Stukken van zijn hand verschenen onder andere in Trouw, 60 Minute Magazine en op nurksmagazine.nl, frontaalnaakt.nl, Joop.nl, wijblijvenhier.nl en thepostonline.nl. Korte verhalen zijn opgenomen in de verhalenbundels ‘Zomertijd #2‘ van uitgeverij Jaylen Books en ‘Het Keerpunt‘ van uitgeverij LetterRijn. Voor het artikel ‘Moslims Moslims Moslims‘ uit 2011 ontving Sa’id de Dr. Kromzwaard Trofee. In 2012 werkte hij mee aan de nieuwe theatervoorstelling ‘Consultaante’ van Jetty Mathurin.
Sa’id is oprichter en organisator van OORSMEER. Dit podium voor het gesproken woord beleefde haar eerste editie in oktober 2012 en vindt elke twee maanden plaats in de BG-22-24 in Almere-Haven.
Momenteel werkt Sa’id aan zijn debuutroman.
http://saidvanenburg.nl/

Zwarte Vlegels:
Niels Duffhuës:
Niels Duffhuës is een multi-instrumentalist en een multikunstenaar. Hij maakt muziek, films, theater, kunst en werkt in binnen- en buitenland. Wat al zijn werk verbindt is een rauwe en donkere sfeer. Niels maakt geen vrolijk werk en is er ook niet uit
om het publiek op de wenken te bedienen. Vaak wordt zijn werk bestempeld als uitgesproken en eigenzinnig. Niels creëert een geheel eigen en sfeervolle wereld waarin fictie en werkelijkheid samensmelten en abstractie de voorkeur heeft. Niels is ook oprichter van Zwarte Vleugels, een samenwerkingsverband met dichter/performer Nick J. Swarth dat voorstellingen maakt op basis van een rock ‘n’ roll-dramaturgie.
www.nielsduffhues.com

Nick J. Swarth:
Nick J. Swarth is dichter & performer. In mei 2012 verscheen bij Uitgeverij IJzer(Utrecht) zijn nieuwe bundel, ‘Mijn onsterfelijke lever’. Gedichten in de openbare ruimte kregen vorm in het project ‘Plekgedichten’ (i.s.m. Sander Neijnens).Ander werk in druk: ‘¡Mondo Manga!’ (2010); ‘Naked City Poems’, stadsgedichten;
‘Horror Vacui | een docudrama in 14 staties’, verslag van een schandaalverwekkend kunstproject (i.s.m Jeroen de Leijer); ‘De napalmsessies’, bundel-dvd. Voorganger van het guerrilla rock trio Betonfraktion, dat in 2011 debuteerde met de elpee ‘Snake Nation Cropduster’. Voorts actief in Zwarte Vleugels, dat voorstellingen
maakt op basis van een rock ‘n’ roll-dramaturgie.
www.swarth.nl

Contra Contra:
Niet langer in hoge pieken en diepe dalen, maar in het leven van alledag: daar waar de twijfel de bewondering ontmoet. Voor ons is elke repetitie een oefening in het zoeken en elk lied het feest
van de volgende route. Waarbij pop, rock, punk en jazz de vier windstreken vormen en De Kift, Stuurbaard Bakkebaard, Nick Cave en Karate goede wegbereiders zijn gebleken. Wij wonen in
Amsterdam, Den Bosch, Nijmegen & Antwerpen en zingen in het Nederlands...
www.contracontra.nl

De avond zal aan elkaar gepraat worden door Bas Geeraets, de gemeentedichter van Veghel en initiatiefnemer. In samenwerking met Kunstgroep de Compagnie, brengen wij u een avond Vers. — bij near N.C.B.-Laan 54, 5462 Veghel, Netherlands.

woensdag 6 maart 2013

sommige dagen

We dragen zakken, weet je dat?
grote hompen vlees aan weerszijden van de oren
we zien ze niet, maar op dagen geven ze broeierige voeten

de huid drukt in sokken, klemt stof op rubber en perst zolen
die dagen zijn doorgaans zwaar, ook voor je oren
Er zijn te veel zakken, weet je dat?

maandag 4 maart 2013

In de oude wijk

De zon schijnt door de ramen en hij ziet dat ze gepoetst moeten worden. Vale vegen zorgen her en der voor een diffuus licht. Beter sluit hij de gordijnen en doet hij alsof hij er niet is. Op die manier kan ook de overbuurvrouw met haar mismaakte gezicht niet naar binnen turen. Belt ze niet aan. Gedurende deze overpeinzingen drinkt hij koffie, vergezeld door een sigaretje en een glaasje water voor bij zijn pillen. Het stof danst om zijn corduroy broek, het overhemd vertoont slijtageplekken bij de rand.

Sinds het overlijden van zijn vrouw is er niets veranderd in het huis van de familie Waeleren, de stoelen staan gelijk als een jaar geleden, de keuken verbergt op dezelfde plekken de borden, pannen en het bestek. De vloer wordt om de twee dagen gestofzuigd. De afwas is met de helft geslonken.

Boven staan de bedden nog steeds tegen elkaar aangeschoven, de grote kast biedt een huis aan de jurken van de overleden vrouw en de pantalons van de heer des huizes. Sokken liggen in lades, de kapspiegel aan de wand toont nog steeds een blik op make-up. De badkamer heeft gele tegels, een stang bij de douche. De studeerkamer is in jaren niet gebruikt. Boven vibreert slechts een andere toon. Schrijlings langs de muren. Net alsof er leugens heersen.

Beneden in de krantenbak snuffelt hij wat, op zoek naar een artikel in de bijlage van een krant. Op zijn hurken zit hij en denkt aan niets in het bijzonder. Als hij opstaat gaat het moeizaam.

Het huis was vroeger altijd gehuld in tederheid, liefde als je dat zo zou willen noemen. Redenen daar iets aan te veranderen had hij nooit gehad, toch was het hem overkomen, niets smaakte hetzelfde.

Wat een avond stappen is voor de jeugd, is de koffietijd voor ouderen. Ze bellen bij elkaar aan, op zoek naar een praatje, genegenheid en het eindeloos herhalen: ‘ken je die nog’. Ondertussen knagen ze aan koffiekoekjes, gortdroog.

De ramen moeten worden gelapt, is het besef als hij weer in zijn stoel zit. Of de gordijnen moeten weer dicht. Dadelijk komt de overbuurvrouw weer langs. Voor koffie en de inspectie van het bed.

woensdag 27 februari 2013

einde dienstregeling

We staan daar en vullen schappen met leugens
Lege bakken in plasticblauw -tot de nok vol niets
onder andere in het departement: rollende band

we denken vast na: de liederen op ons heengaan
ze moeten drinken, lachen, rocken,
patat / mayonaise, de luide knal

het twaalfuurtje sieren we op met kloddertjes
humor noemen we dat, tussen het brood
feitelijk de smet op het bestaan

we verpakken een langzame dood
vinden een gemeenschappelijke lijn
doen het in plastic bakken
verkopen slechts
gebakken lucht

we denken vast na, hoe we zullen kijken
naar hen in de zaal, schrikken ze nog
bij de stervende tonen in ijle lucht

komen ze nog kijken
bij het strooiveld
in de sneeuw

zaterdag 23 februari 2013

Gevoelstemperatuur +18

Laat ik gewoon doen alsof het een lentenacht is. Een nacht waar een dun jasje volstaat, waar kou uitgebannen is en de zomer al in de lucht hangt. Warmte heerste op het terras overdag. De kleding wordt lichter, dunner en de mensen lachen weer. Een nacht na een dergelijke dag. Het is een lentenacht en verrassingen waren er deze dag volop.

Het zijn tijden dat niets hoeft en alles kan. Met je ouders heb je niets meer te maken, ze wonen elders in een groter huis. Je huurt een kamer en leeft van fooien, meer doe je niet dan leven. De horecafooi is de bonus voor de bankier, het presentje voor de barman. Hoe je dat wendt of keert.

Je bent een dag vrij, je loopt een centrum in als vreemde. Iedereen die je kent, al je vrienden, ze bestaan even niet. Jij bent hier alleen, je kwam hier nooit, je woont hier niet. Jij gaat op onderzoek. Om een stad te leren kennen loop je eerst wat rond, tot daar een boekhandel is die niet genegeerd kan worden, je stapt binnen en voelt de onbekende verhalen aan je trekken, de eerste zinnen van boeken nemen je mee naar daar waar niet hier is. Het is niet de stad waar je woont. We zijn niet daar.

We zijn in Gent waar middels een gemotoriseerd voertuig een inheemse kroeg aangedaan wordt, we verplaatsen ons naar smeltend asfalt in een zonovergoten stad in een willekeurig heet land, we zitten op een terras. Een hond wordt uitgelaten. In de boeken, de zinnen is willekeur en alles mogelijk.

Met twee titels lopen we de stad in, ik loop, jullie lopen mee. Ik neem jullie mee, er liggen verrassingen in het verschiet. We lopen naar een straat waar wij niet eerder kwamen. De donkerte in het etablissement is eerst overweldigend, later zacht en aangenaam na het eerste drankje. We zijn vrij en we drinken een bier om 14:00.
Buiten lopen de mensen die werken, wij, wij hoeven niets. We zien ze aan, hoe ze lopen, bedenken verhalen bij hen en drinken bier. De muziek valt ons op en we deinen onbewust mee met knikkende hoofdjes, ja, we zijn vrij.

Het gevoel van euforie die de muziek ons brengt, de bardame is een excellentie waar je een eed voor af zou leggen. Je geeft haar de fooi die ze toekomt. We knikken naar elkaar en ze zegt dat er vanavond iets te doen is. Daar en daar. Zomaar, omdat we knikten met de hoofden, of bier dronken. Vrije mensen trekken vrije mensen aan.

We lopen weer door de straten als dromen, lichtvoetig nu en rooskleuriger door de glaasjes die wij dronken. U dronk mee. De winkels gaan dicht en niemand blijft over. De stad loopt leeg en wij gaan schuilen voor de stilte in een andere kroeg. Het terras zit vol gelijkgestemden, we kletsen inmiddels honderduit, de schroom valt van ons af, de wereld ligt onder onze voeten, we balanceren op een bal. Als we harder rennen, of lopen is het eerder een volgende dag. We zitten, we drinken, we knabbelen versnaperingen en roken wat af, de vrijheid slaat ons om de oren tot de lucht zwart ziet, en de jassen ritsen.

Naast ons zit Bram naast Margje, we kennen ze niet maar ze gaan mee. Mee naar de volgende, de volgende tot de tip van de barvrouw, het restbedrag krijg je terug. Op een donkere dansvloer staan mensen. We kijken ze aan, gaan in ze op. Zij is er ook, nog mooier dan eerder, jij tikt me aan om te wijzen, daar is ze.

Bij het treffen hoort het proosten die nacht, mijn boeken zitten in mijn tas, haar nummer, en dat van Bram in mijn telefoon. Bram is met Margje ik ben met u, we hebben grootse plannen.
De lichten springen aan en ik ga op zoek naar mijn huis, de klok slaat diep in de nacht. We zoenen en lallen en we beloven nooit meer anders. Mijn jas hangt open als ik me van u verwijder. De straten glimmen in het lamplicht. Al wat ik hoor zijn schreeuwende stemmen, en fietsen die aanlopen, het wringt bij de velg. Er is geen wind. Ik zoek mijn huis. Rechts in de verte: de lach en muziek. Ik buig dan, diep in de nacht naar mijn nieuwsgierigheid. Zo typ ik een lentenacht, onderwijl ik zwicht voor melancholie.