woensdag 6 augustus 2014

Het strand van IJmuiden



Op het strand van IJmuiden zijn ze bij de tijd. Niemand lag er topless. Nou ja, die man dan, en die had vrij grote exemplaren. Menig meisje was jaloers. Niet op mij, hoewel ik ook onder de noemer ‘topless’ kan vallen; ik werk er wel aan dus het telt dan niet echt.

In sommige gevallen voelde ik me oud op het strand. Dat was als er jongemannen, die elkaar met gast aanspraken, hun getrainde lichamen bewogen langs de branding. Dan besloot ik nog harder te werken om mijn lichaam weer binnen de geldende norm der proporties te krijgen.

Op andere momenten voelde ik me jong. Als mijn zoon en ik naar schelpen zochten bijvoorbeeld en dat deden we met vlijt. Hij had een goed oog voor mooie exemplaren en ik zocht naarstig naar de grote schelpen omdat dan zijn emmer sneller vol was en ik kon gaan roken bij het tentje. We hadden lol. Dat was leuk. Later wilde hij steeds dieper in de zee. Eerst moest ik zijn hand vasthouden en later zwom hij zelf over de golven en liep ik naast hem.

Het strand van IJmuiden is heel groot, en breed. Misschien waren er wel duizend mensen op het strand, maar daar was dus niets van te merken. Het strand komt zo groot omdat de pieren vroeger zijn verlengd, toen mijn moeder nog jong was. Mijn grootvader, die ene die ik nooit heb leren kennen, had tegen de ingenieur gezegd dat er veel zand zou aanslibben bij het verlengen van de pier. De ingenieur zei mijn grootvader dat het allemaal wel mee zou vallen. Nu wou ik dat ik mijn grootvader had leren kennen. Hij was gek op vis. Gebakken. Dat vind ik ook wel lekker. Van vis hadden we bijvoorbeeld lekker kunnen peuzelen.

Ze hebben ook een heuse boulevard bij het IJmuiden strand gebouwd, maar die hele boulevard voelt wat pover aan. Wellicht omdat de boulevard niet parallel met het strand loopt, maar gelijk loopt aan de haven waar veel schepen liggen, maar minder dan vroeger, want sommige boten waren gefinancierd met geld uit de drugshandel. Die boten lagen er niet meer. Je kon er wel koffie drinken als je dat zou willen, maar toen ik er langs liep had er niemand zin in koffie. Wel had ik zin in een ijsje, maar bij Het IJspaleis (of zo) bleek dat er op de deur een briefje geplakt zat: maandag gesloten! Het was dinsdag. Een dergelijke Boulevard was het.

Op het strand spoelde een dode zeehond aan, die werd opgehaald door de reddingsbrigade en ik vond het niet zozeer zielig -het is nu eenmaal de natuur- maar wel onhygiƫnisch. Gelukkig was de commotie snel over, ook bij mijn zoon die het wel zielig vond. Vervolgens staken we van die lange schelpen in een dode kwal. We moesten lachen.

Eigenlijk moesten we op een gegeven moment wel weg, maar we hadden nog honger, dus we gingen eten. Ik at heel veel mosselen en mijn zoontje at friet en een halve pannenkoek. Ik dronk drie biertjes en die smaakte net zo goed als de mosselen.

In de avond gingen we wachten op de vuurtoren die ging schijnen. Daarna ging ik duizenden schelpen afspoelen en zag ik in de spiegel mijn borsten en buik en profil. Dat was even pijnlijk.

Er moeten dingen gebeuren.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten